'Ik ben niet zo'n studiebol in oorsprong, dacht ik'

Family man en bouwkundige Pieter Schlooz (36) is zojuist afgestudeerd. Nu hij zijn werkervaring heeft aangevuld met een stevige dosis kennis en inzicht, en een prachtige reis heeft gemaakt met zijn gezin, oriënteert hij zich op zijn volgende baan. ‘Het liefst met ruimte voor onderzoek, maar ik houd ook van implementeren en actie.’

Waarom ben je parttime Bedrijfskunde gaan studeren?

Ik heb vrij snel en ondoordacht voor Bouwkunde gekozen, vooral omdat ik hoge punten voor de exacte vakken haalde. Ik besefte me later dat ik eigenlijk niet had gestudeerd wat ik leuk vond. Jaren terug ben ik al gaan kijken naar opleidingen Verandermanagement en Bedrijfskunde, maar zette niet door. Toen mijn zusje de dagopleiding Supply Chain Management deed aan RSM, heb ik veel met haar gespard. In mijn rol als Operational Manager zag ik alles wat er fout ging, maar ik durfde niet echt te handelen uit zelfvertrouwen, ik miste vaste grond onder mijn voeten. Toen heb ik uiteindelijk de knop omgezet om te gaan studeren. Ik miste die rugzak met kennis. De open dag van RSM was een bevestiging, de open discussie die plaatsvond was aanstekelijk; het klikte.

Was de opleiding zwaar en hoe regelde je het praktisch?

Ik heb ontzettend genoten van het programma. Het eerste semester is erg pittig, omdat je van niet studeren overgaat naar studeren. Véél studeren. Maar ondanks dat je continu denkt ‘hoe krijg ik dit ooit voor elkaar’ is het prachtig om te zien wat je met focus en toewijding kunt bereiken. Het eerste en derde semester zijn ruim een maand korter dan de andere, die semesters vond ik dan ook zwaarder.

Praktisch: ik ben een dag minder gaan werken. Veel medestudenten hebben een flexibelere regeling getroffen bij hun werkgever, dat ze bijvoorbeeld eerder konden vertrekken van werk. Sommige ook niet hoor, maar als je zoals ik een gezin hebt, is wat flexibiliteit wel fijn.

Is er een bepaald vak dat je bijzonder aansprak?

Operational Excellence stak er echter met kop en schouders bovenuit. Docent Merieke Stevens heeft het vak gemaakt voor mij. Ze heeft haar colleges ook volgens operational excellence-principes opgezet en deze voor zichzelf in tijdsblokken opgedeeld. Elke les zat je als deelnemer tegen een leuke zenuw aan, Merieke gaat er op natuurlijke wijze van uit dat iedereen met volle aandacht mee doet. Je kunt op elk moment een vraag krijgen of een rol moeten spelen. Ook was een college bij haar nooit een 3 uur durende zit, er waren presentaties, discussies, online games et cetera. En dat allemaal met een extreem enthousiasme en een heel prettige interactie. Natuurlijk, voor een deel is het een talent, maar ze was ook echt goed voorbereid.

De inhoud van het vak Business Information Management vond ik ook heel interessant. Op het snijvlak tussen IT’ers en business is volgens mij bij veel bedrijven nog een wereld te winnen. Misschien dat daar mijn toekomst ligt. Er waren nog wel wat verbeterpunten, die heb ik ook doorgegeven in mijn rol als klassevertegenwoordiger.

Meer in het algemeen: wat ik een opvallend verschil vond ten opzichte van het hbo, is het enthousiasme van de docenten. Zodra ze gaan praten, gaan ze volledig aan. Prachtig.

Waar ging je afstudeeronderzoek over?

De onderzoeksvraag was: Wat is de invloed is van autoritair gezag op vertrouwen in een buyer-supplier relatie in de Nederlandse woningbouw? Ik ben afgestudeerd in Operational Excellence, aan de hand van een kwalitatief onderzoek op basis van een bouwproject.

Hierbij keek ik vooral naar asymmetrisch vertrouwen: partij A vertrouwt partij B, maar andersom niet. Dat creëert conflicten met vragen rondom de onderlinge spelregels. In de loop van dit bouwproject (in realisatie) was sprake van twee projectleiders: de eerste projectleider was erg op vertrouwen, de tweede erg op autoriteit, die controleerde alles en was heel erg op de regels en letters in het contract.

Het klinkt misschien als een open deur, maar daar waar vertrouwen heerst, is meer ruimte voor asymmetrisch vertrouwen. Het gebeurt in de praktijk echter veel dat op dit vertrouwen teleurstelling volgt. Wantrouwen is daarvan een mogelijk gevolg en dus meer controle, contracten, regels: terwijl die niet gunstig zijn voor operational excellence.

Een voor de hand liggende vraag is: “Wat is de oplossing? Wat te doen na teleurstelling?” Weer in gesprek gaan en er samen uitkomen. Of niet meer samenwerken en je verlies nemen. Want wat bewezen is: bij overeenkomsten in vertrouwen gaan de operationele kosten drastisch naar beneden. De operationele kosten om niet te vertrouwen zijn heel hoog. Alles moet gecontroleerd worden en nog voel je je niet prettig. Als je alles heel stellig in een contract zet, heel zakelijk, lokt dat uit om te kijken waar een gat zit in de overeenkomst. Een overeenkomst op basis van vertrouwen is per definitie veel coöperatiever.

Je kunt wel consequenties hangen aan teleurgesteld worden in vertrouwen: strikter zijn, stoppen met de samenwerking, maar in de basis raad ik aan om telkens terug te gaan naar vertrouwen. Je zou dit een Managament van Verandering-perspectief kunnen noemen, maar ik ben ervan overtuigd dat je voor een typisch operational excellence idee als “lean” eerst aan ketensamenwerking moet doen. En voor ketensamenwerking is vertrouwen van belang. Je kunt wel duidelijke afspraken maken, maar in mijn visie begint het met vertrouwen.

Ik heb echt keihard aan mijn scriptie gewerkt. Ik heb de hele wand vol gehad met data: ik moest alles van de grond af aan kwalificeren en categoriseren. Je leert echt onderzoeken en heel kritisch zijn op je data en conclusies. Gelukkig kwam mijn verwachting overeen met de onderzoeksgegevens.

Hoe heb je de opleiding gefinancierd?

Ik zocht een manier om mijn studie te kunnen bekostigen en tijdens de open dag werd er verteld over de financiële (advies)diensten van XS2 Talent. Ik heb via Lia contact met hen gezocht, het is een externe partij die wordt aangeboden via de parttime master.

Voor personen die in dienst zijn van een werkgever is dit echt heel interessant: je kunt hiermee de studie veel goedkoper maken, zonder dat het je baas een stuiver extra kost. Dat er nog weinig gebruik van gemaakt wordt, komt denk ik mede door hoe het verhaal verteld wordt.  

Je maakt voor deze regeling gebruik van het cafetariamodel, een regeling waarbij de werknemer kan bepalen hoe hij zijn loon samenstelt. Een deel van je salaris is vrij te besteden. Het interessante is: dat vrije deel kan besteed worden aan de opleiding voordat het officieel “salaris” wordt bij je werkgever. Je werkgever geeft aan ‘dit deel gebruik ik ergens anders voor’ en dan pas hoeft hij de premies over het resterende loon te betalen. De werkgeverspremies en sociale lasten worden dus veel minder voor de werkgever en over je eigen deel kun je nog belasting terugvragen.

Hoe ik het gebracht heb richting mijn werkgever, is als volgt: “Ik werk hier voor dit bedrag, ik heb een manier om mijn studie te bekostigen en je betaalt nog steeds dit bedrag voor mij.” Dat klinkt goed. Ik kreeg akkoord, maar dan wordt het complex. Ik heb zelfs nog met de loonadministratie, met XS2talent als hulplijn alles uitgepluisd en goed doorgenomen.

Voor mij betekende het dat ik alles wat bovenwettelijk was op een hoop heb gegooid: extra vakantiedagen, vakantiegeld, alles heb ik in het lopende loon neergezet. Mijn werkgever maakte de totale loonkosten inzichtelijk, ook het werkgeversstuk. Zo heb ik per maand 1700 euro naar de opleiding over kunnen maken, terwijl ik netto maar tussen de 600 à 700 euro inleverde.

Mijn advies aan anderen: zorg dat je het zelf begrijpt, maar houd het simpel voor je verhaal naar je werkgever toe. Ook als je werkgever een deel wil betalen is het cafetariastelsel nog heel interessant voor je eigen deel. Het vergt wat puzzelwerk, maar je bespaart er enorm mee.

NB In januari verschijnt de whitepaper over financiering met gebruik van het cafetariamodel. Wil je deze graag ontvangen? Stuur dan een bericht naar parttime-bedrijfskunde@rsm.nl

 

 

Nu heb je je Master afgerond, hoe voelt dat?

Bedoel je of ik blij ben dat ik eraf ben? Ik mis de studie! Kon ik nog maar een beetje studeren. Ik ben niet zo’n studiebol in oorsprong, dacht ik, maar ik heb er geweldig van genoten. Je hebt zo’n heftige focus in die twee jaar. Je gaat zitten, social media uit, geen kranten, bam: studeren en dan gewoon vier uur hard studeren. Ik vond het leuk, die kennis opdoen.

Natuurlijk heb ik nu ook zin in een leuke baan, mijn vorige baan heb ik opgezegd. In een ideale functie ben ik druk met continu verbeteren, maar dan wel met ruimte voor onderzoek, bijvoorbeeld in de vorm van proefopstellingen. Het analytische combineren met implementeren en actie.